Op de tempeh-bijsluiter: opgepast, onverdund gebruik kan uw kind tot rode bietjes verleiden

Je zult het nooit anders zien.

Net op het moment dat manlief zijn valiezen inpakte voor een buitenlandse opdracht, veranderde ik in een rillend wezen. Om vervolgens, in navolging van Kate, een week lang klam-koortsig te wezen.

Gelukkig stonden mijn ouders, als twee trouwe rotsen in de branding, elke morgen en avond paraat.

Met de stiptheid van een professionele taxiservice escorteerden ze mijn engeltjes naar school, judo en verjaardagsfeestjes.

Met de hoffelijke discretie van een butler vulden ze mijn voorraadkast met opknappende soepjes en milde sojayoghurtjes.

En met een hart van goud schotelden ze mijn bengeltjes hun lievelingsgerechtjes voor. Frietjes dus. En lasagne. En macaroni met kaas en hesp.

En toen was het plots zaterdag. En kreeg ik het in mijn nog altijd mistige hoofd om die twee nog eens tempeh voor te schotelen. Volgens een recept van de in vegetarische en veganistische kringen zeer populaire The Buddhist Chef. Ik had een fotootje van het resultaat op mijn Instagram gezet. Maar dat zag er blijkbaar beter uit dan het daadwerkelijk proefde, aangezien sommige mensen de indruk hadden dat ik mijn baksel met behulp van die foto aanprijzen wou.

Om dergelijke misverstanden te vermijden, heb ik die foto er dus maar weer afgezwierd.

Want echt.

Ik heb op aanraden van Tine Tomme van Avalon al tempeh gefrituurd, wat het heel toegankelijk van smaak maakte  en interessant krokant. (Ik herinner me nog dat ik bij de eerste hap dacht: maar allez, ik zou dat zo als aperitiefhapje kunnen eten, met nog wat grof zout of paprikapoeder eroverheen.)

Ik heb al geraspte tempeh in spaghetti- en wrapsaus verstopt, wat redelijk goed werkt: als je de tempeh lang genoeg in de Italiaanse of Mexicaanse marinade van De Groene Meisjes drenkt, dan proef je bijna niet dat het erin zit.

Maar deze tempeh, gebakken in een nochtans zeer kruidige marinade, die was gewoonweg niet te eten. Zelfs niet met dat lekkere, intens smakende sausje erbij.

Mijn voorlopige tempeh-slotconclusie? Tempeh zou verplicht met een bijsluiter moeten komen: “Nooit onverdund toedienen. Royaal aanlengen met een zeer rijke tomatensaus. Of grondig frituren voor gebruik.”

Maar vooraleer u denkt dat ik tempeh na dit dieptepunt finaal heb afgezworen.

Neen, neen.

Want tempeh beschikt ook over een miraculeuze smaakpapillen-uitdagende kracht:

Nadat Jasper en Kate heel dapper een petieterig hapje tempeh hadden doorgeslikt, vonden ze die rode bietjes in hun bord plots onweerstaanbaar lekker.

Benieuwd of dat ook met witlof zou marcheren!

RECEPT VOOR STEENGOEDE RODE BIETJES

Oké, serieus nu. Zonder steengoed rode bietenrecept had dat triestige tempeh-aperitief  natuurlijk nooit gewerkt.

Het recept dat mijn kroost tot rode bietjes verleidde, lag al maandenlang in mijn boekenkast naar licht te snakken. Op blz 92 in het boek Grow, Eat, Share van Avalon staat namelijk een magische receptuur afgedrukt. In beknopte versie:

Nodig:

  • 4 middelgrote bieten (in partjes gesneden)
  • 250 ml appelsap
  • 2 tl gedroogde dragon
  • 2 el olie
  • 1 el rijststroop (ik gebruikte ahorn)
  • 1 tl zeezout
  • 1 tl gembersap (liet ik achterwege)
  •  1/8 tl gemalen zwarte peper

Zo maak je het klaar:

Meng alles in een vuurvaste schaal. Bak 30 tot 40 minuten in een voorverwarmde oven (180°C). Roer tussendoor twee keer om. Klaar!

O ja, omdat mijn oven toch aanstond, heb ik er meteen ook frietjes van zoete aardappel (gemengd met olijfolie, zout, tijm en rozemarijn) in gestopt.